Logo Paswoord

Portfolio – Touretappe.nl

Voor Touretappe.nl verzorgt Paswoord jaarlijks de ritprofielen voor
alle grote wielerrondes: de Tour, de Vuelta en de Giro. Teksten met aandacht voor wielergeschiedenis, facts & figures en de plaatselijke cultuur. Woorden die al doen watertanden naar de ritten zelf.

Copywriting voor Touretappe

Vuelta 2020 – rit 12 – Castrillo del Val – Aguilar de Campoo

Vuelta 2020 – rit 12 - Castrillo del Val – Aguilar de CampooWerkelijk geen enkel pukkeltje, uitsteekseltje, grilligheidje of plooitje valt er te ontwaren in het ritprofiel van etappe 12, van Castrillo de Val naar Aguilar de Campoo. Een vlakke rit heet dat dan, eentje van 163,6 kilometer.

De wielergeschiedenis van aankomstplaats Aguilar de Campoo is niet bepaald groots. In 2017 vertrok er de Ronde van Castilië en León. De eerst rit werd gewonnen door de Rus Alexander Jevtoeskenko, wat meteen voldoende zegt. Grote namen passeerden er nog niet.

Dat heeft één voordeel. Deze rasechte sprintersetappe gaat met zekerheid wel een dikke vis in de annalen van Aguilar de Campoo bijschrijven. Als pakweg Viviani, Bennett of – hopelijk – Mathieu Van der Poel er de handjes in de lucht steken, staat het dorpje van goed 7000 inwoners meteen op de kaart.

Etappe 12 en 13 vormen het tweeluik van een spurtfestival. De groene trui staat op het spel en de rappe mannen kunnen nu maar beter scoren. Het gevaar van enkele saaie en voorspelbare ritten loert om de hoek, maar wie kijkt er niet uit naar het spierballengerol tussen de springveren van het peloton?

Link: https://www.touretappe.nl/vuelta-2020-parcours/etappe-9-spanje-route-2020/

Vuelta 2020 – rit 10 – Vittoria Gasteiz – Valdegobia

Vuelta 2020 – rit 10 – Vittoria Gasteiz – ValdegobiaDe rustdag na de rit naar de Tourmalet wordt uit de benen gefietst met een heuvelachtige etappe tussen Vittoria Gasteiz en Valdegobia. Het wordt 160 kilometer golven op Baskisch terrein, met de in de hoofdrol mannen of jongens die de Tourmalet links lieten liggen en de prikkels van de rustdag het best konden verteren.

Als het over heuvelaanvallen naar Valdegobia gaat, komt über-aanvaller Thomas de Gendt in het vizier. In de Ronde van het Baskenland 2018 probeerde hij in één van zijn fameuze raids alleen aan te komen in Valdegobia. Dat lukte niet omdat Jay McCarthy er een stokje voor stak. De Australiër kaapte er een ritje mee tussen een rijtje illustere toppers die met de andere ritten gingen lopen. Ene Alaphilippe, ene Roglic, ene Mas en ene Fraile. Toegegeven, de naam De Gendt was beter geweest…

De etappe vertrekt in Vittoria Gasteiz, de naar verluidt groenste stad van Europa met zijn vele parken, lanen en groene zones. Het zijn die groene lanen die mogelijk een groentje op weg zetten naar een grote zege in de Vuelta. Waarom niet? De toppers hebben twee dagen eerder om de Tourmalet gestreden en trekken morgen opnieuw de bergen in. Zij houden de benen stil. Ideaal voor een jonge strijder die de vleugels eens wil uitslaan en ‘Podjacar’-gewijs de eeuwige roem opzoekt.

Hij moet daarvoor wat molshopen en tweemaal de Puerto de Orduna trotseren. Geen dooddoener, maar als er gevlamd wordt komen deze 8 kilometer aan 7,8% gemiddeld toch hard aan. Zeker bij de tweede beurt, als de top op 18 kilometer van de meet ligt en het verschil wordt gemaakt. De zelfzekere avonturier met overschot laat daar zijn vluchtgezellen achter en legt de laatste hectometers solo af. Wacht: groentje, zelfzeker, avonturier, strijder, overschot? Remco Evenepoel misschien?

Link: https://www.touretappe.nl/vuelta-2020-parcours/etappe-7-spanje-route-2020/

Vuelta 2019 – rit 18 – Colmenar Viejo – Becerril de la Sierra

180,9 kilometer scheiden Colmenar Viejo en Becerril de la Sierra. Dat valt nog mee, maar het traject is niet voor watjes. Vier cols van eerste categorie zullen ook de renners van eerste categorie uitdagen om hun slag te slaan. Vooral de afdaling nodigt vrijbuiters uit om een bommetje te leggen.

Geen instant klimtoestanden, maar eerst 20 kilometer chillen vooraleer de Puerto de Navacerrada opdoemt. Het valt al bij al nogal mee… 17,72 kilometer aan gemiddeld 5,3%.  Een vervelende kruiper die geen einde kent en bovenop nog een lekker plateautje toevoegt. Een korte afdaling brengt het peloton vervolgens al snel naar de Puerto de la Morcuera. Opnieuw geen percentageklepper. Het steilste stuk tikt net geen 8% aan, waardoor de gemiddelde hellingsgraad afklokt op 4,7%. Verspreid over 14 kilometer mag deze helling geen al te grote bedreiging vormen.

Even later ligt hij daar weer… de Puerto de la Morcuera. De organisatie smult van alle bergwalletjes en dringt het peloton via de andere kant hoogte in. 17 kilometer deze keer, gemiddeld aan 5,4%. Ietsjes straffer dus als de andere kant van de top, vooral omdat aan het einde enkele uitsteeksels boven de 10% de kop opsteken. Het ideale moment voor jumpers om een move te plaatsen, zo kort voor bergpas.

Verderop lijkt het spiegelbeeld van de eerste klim zich aan te dienen. Met de Puerto de Cotos – 13 kilometer aan 5% gemiddeld – komen de renners opnieuw aan op een afgevlakte top die licht oplopend hun verzuurde benen het leven nog zuurder maakt.

En dan volgt de duik… De duik naar Becerril de la Sierra, waar waaghalzen lijf en leden riskeren om als eerste over de meet te rijden. Een klein knikje richting aankomst kan nog roet in de zegeschaal werpen. Dat knikje zal bepalen wie de minst vermoeide overlever is.

Link: https://www.touretappe.nl/vuelta-2019-parcours/etappe-18-spanje-route-2019/

Vuelta 2019 – rit 15 – Tineo – Santuario del Acebo

Vuelta 2019 – rit 15 – Tineo – Santuario (de la Virgen) del AceboDe Vuelta steekt maar liefst 7 aankomsten bergop in het rittenschema. Vandaag is het weer van dat, in een straffe etappe van 159 kilometer tussen Tineo en Santuario (de la Virgen) del Acebo. Vier dreigende toppen doen de niet-klimmers dromen van de jongerencategorieën, toen alle wegen nog vlak waren.

Een rustdag is pas een rustdag als de renners de dag ervoor nog eens tot het gaatje zijn gegaan. Dat moet de Vuelta-organisatie gedacht hebben bij het inplannen van de 159 kilometer klimmen en lijden tussen Tineo en Santuario del Acebo. De steile kraker naar het Heiligdom van de Maagd van Acebo zal de renners misschien spiritueel inspireren tot goden- of heldendaden.

De ellende begint na een goede 20 kilometer met de Puerto del Acebo. Alhoewel… een col van 2de categorie, 11 kilometer lang aan een dikke 4% gemiddeld moet voor de rechtgeaarde Vuelta-deelnemer een koud kunstje zijn. Het grote spel begint daarna, wanneer de Puerto del Connio in beeld verschijnt. Een bijter van 1ste categorie die vanuit Ventanueva 13,6 kilometer overbrugt aan 5,7% gemiddeld. Dat kan tellen, zeker met enkele kleverige passages op en rond de 10%. De renners kunnen daarna 25.000 meter benen schudden, stuurhangen en zadelschuiven in dalende lijn.

Een steile afdaling die abrupt eindigt in San Antolin de Ibias. De col die nu volgt is makkelijker te beklimmen dan uit te spreken: de Puerto del Pozo de las Muijeres Muertas. Een beetje de La Planche de Belles Filles van Spanje, want het heeft met dode vrouwen te maken. Een grillige klim van 18 kilometer wacht, met een gemiddelde percentage van 4,7%. Dat zegt niet alles. De pentes van 2% of 3% wisselen zich af met stukken tot boven de 10%. Geen gelijkmatige onderneming. Telkens als je denkt dat er bent, wordt het nog erger.

En hop, opnieuw dalen, maar liefst 30 kilometer deze keer. Dat is ook nodig want het slotspektakel op de col buiten categorie richting Sanctuario de la Virgen del Acebo is niet van de poes. Een echte rotzak. Kort, steil en op 2 keer 100 meter na altijd met een gemiddeld percentage tussen de 8% en de 11%. Wat een beproeving. En dat 9,4 kilometer lang. Wie de heilige maagd als eerste bereikt… mag ze hebben.

Link: https://www.touretappe.nl/vuelta-2019-parcours/etappe-15-spanje-route-2019/

Vuelta 2019 – Andorra la Vella – Cortals d’Encamp

Vuelta 2019 – Andorra la Vella – Cortals d’EncampDe eerste klassementsetappe die naam waardig staat gepland op zondag 1 september 2019. In een korte thriller van 96,6 kilometer trekken de uitgelaten renners over drie Andorrese Pyreneeëncols. Qua profiel kopieert de rit een vrij beruchte etappe uit de Vuelta 2015.

Beruchte etappe? Wel ja, in 2015 werd de incidentrijke etappe gewonnen door Mikel Landa, toen nog in Kazachse loondienst bij Astana. Chris Froome kwam zwaar ten val in en verloor daar de Vuelta. Sergio Paulinho van Tinkoff Saxo werd aangereden door een motor, enkele dagen nadat ook ploegmaat Peter Sagan hetzelfde overkwam. Het kwam de Vuelta op een flinke uitbrander van Oleg Tinkov te staan. Fabio Aru won uiteindelijk na een rittenkoers waarin ook Vincenzo Nibali wegens ‘autootje trek’ werd uitgesloten.

Nagenoeg meteen na de start begint het peloton aan de klim van de Coll d’Ordino. Eventjes de benen warmdraaien aan gemiddeld 5,4% en 1000 meter aan 8,6%. De 17,6 kilometer lange klim – toch als je vanuit startplaats Andorre la Velle rekent – is geen dooddoener, maar zal het pak meteen tot een pakje decimeren. Een lange afdaling brengt de groep naar de voet van de Coll de la Gallina, een klimbeest. De lengte van 11,8 kilometer valt mee, maar een korte afstand verraadt meestal steile percentages: 8,3% gemiddeld, met talrijke passages boven de 15%. Dit is niet meer warmdraaien… dit begint op oververhitting te lijken.

En nog is het niet gedaan. Er wordt een drietrapsraket afgevuurd op het peloton, met de slotbeklimming naar Cortals d’Encamp. Twee plateautjes zorgen voor ademruimte in een col van 13,2 kilometer, 7,3% stijgingsgemiddelde en opnieuw uitstekers tot 15%.

Hier wint met zekerheid geen pannenkoek, een zondagsrenner of een toevallige flyer. Cortals d’ Encamp zal de strijdende kampen duidelijk blootleggen.

Tour 2021 – rit 18 – Pau – Luz Ardiden

Tour 2021 – rit 18 – Pau – Luz ArdidenEen ultrakorte etappe van 130 kilometer is het strijdperk voor de laatste bergrit van de Tour. In een raid over twee Pyreneeënkleppers moeten de klimmersbenen het laken van het Tourbed naar zich toetrekken.

Het gaat knallen, richting Luz Ardiden. In een lange aanloopstrook vanuit Pau trekken ‘de mannen met grote plannen’ naar de voet van de Tourmalet. In 108 edities van de Tour werd deze col al 84 keer beklommen. De Tour – malet dus.

Vanuit Sainte-Marie-de-Campan moet het peloton 17,3 kilometer overbruggen. Met een gemiddelde van 7,6% en een maximum van 10% zal deze col het kaf van het koerskoren scheiden. Er staat op de top trouwens €5000 op het spel, want de Souvenir Jacques Goddet – oud-Tourdirecteur- beloont de renner die als eerste zijn kopje bovensteekt. Thibaut Pinot was in 2019 de eerste die de prijs een tweede maal op zak stak, nadat hij hetzelfde kunststukje ook al eens uithaalde in 2016.

Na de Tourmalet dendert de trein verder naar Luz-Ardiden. Een ronkende col en toch hield het Tourpeloton er nog maar acht keer halt. De laatste keer in 2011, toen Samuel Sanchez zijn tenen mocht uitkuisen om een beresterke Jelle Vanendert af te houden. Voordien waren onder meer ook Lance Armstrong, Richard Virenque, Miguel Indurain en Pedro Delgado winnaars. Een speciale vermelding voor de Spaanse renner Laudelino Cubino, die er twee keer won: de eerste keer in de Tour van 1988 en de tweede keer in de Vuelta van 1992.

Cijfermatig is de klim naar Luz-Ardiden trouwens het kleinere broertje van de Tourmalet: 14,6 kilometer aan 6,9% gemiddeld. Een beetje korter en een beetje minder hoog dus, maar als slotakkoord van een klimtweedaagse gaan de (mond)maskers hier definitief afvallen. Benieuwd of Primoz Roglic, Tadej Pogacar, Egan Bernal of – wie weet – Remco Evenepoel nog wat procentjes hebben overgehouden om de genadeslag te slaan.

Link: https://www.touretappe.nl/tour-de-france-2021-parcours/etappe-18-route-tdf-2021/

Tour 2021 – rit 14 – Carcassonne – Quillan

Tour 2021 - rit 14 - Carcassonne - QuillanGisteren aankomstplaats, vandaag startplaats. Vanuit Carcassonne vertrekt een grillige etappe naar Quillan, aan de voet van de Pyreneeën. 184 kilometer en tal van pesterige uitsteeksels maken van deze onderneming een meer dan lastige overgangsetappe.

Carcassonne bleek al vaker de startplaats voor memorabele ritten. Denk bijvoorbeeld aan de fantastische waaieretappe, waarbij gele trui Chris Froome en groene trui Peter Sagan elk een ploegmaat op sleeptouw namen. ‘Froomey’ tikte de tegenstand dol en Peter de Grote mocht met de ritzege aan de haal in Montpellier.

Een grillige etappe dus. De Col de Montségur opent de debatten. Een korte beklimming van 1ste categorie: 4,2 kilometer aan 8,6% gemiddeld. Dat is meer dan pittig en ideaal voor een groep vrijbuiters om definitief weg te rijden, mocht dat eerder al niet gebeurd zijn.

De volgende opdracht wordt de Col de la Croix des Morts. Niet meteen een opbeurende naamgeving in het midden van de rit, maar met 6,8 kilometer aan 5,8% gemiddeld is deze beklimming niet ‘dodelijk’ te noemen. Vervolgens blijven de renners kilometers lang op een plateautje rondrijden met wat ‘colletjes en côtejes’, die het sloopwerk van het krachtenarsenaal alleen maar bevorderen.

De beslissing valt op de Col de Saint Louis, een bijtertje van 4,7 kilometer aan 7,4%. Het is hier dat het type Hirschi, Kragh Andersen, Costa, Gilbert of De Gendt de balast overboord kiepert en er alleen vandoor gaat. In een solo van 20 kilometer in dalende lijn zal het alfamannetje van de dag de kaas niet meer van zijn brood laten eten. Of laat het nog eens een sprint-à-deux zijn, tussen – we zeggen maar wat – Hirschi en Alaphilippe. Benieuwd of de Zwitser in de pre-sprint nog eens zoveel ruimte laat als in Nice in de Tour van 2020.

Link: https://www.touretappe.nl/tour-de-france-2021-parcours/etappe-14-route-tdf-2021/

Tour 2021 – rit 11 – Sorgues – Malaucène

Tour 2021 - rit 11 - Sorgues - MalaucèneRit 11 van de Tour is een klepper die tweemaal rijdt …over een klepper. De 199 kilometer tussen Sorgues en Malaucène worden opgeleukt met een dubbele beklimming van de berg der bergen: de Mont Ventoux.

Kent u Eros Poli nog? De Italiaanse bonk was – zacht uitgedrukt – geen klimwonder, maar in de Tour van 1994 deed hij iets legendarisch. Tussen Montpellier en Carpentras kreeg hij 25 minuten cadeau. Daar maakte hij handig gebruik van, toen hij zijn zware lijf tegen de flanken van de Mont Ventoux omhoog trok. Op de top stak de rijzige renner van Mercatone Uno bijna boven de beroemde zendmast uit. Met vier minuten voorsprong dook hij de afdaling in om uiteindelijk in Carpentras te zegevieren.

We durven denken dat de koers in 2021 een ander verloop kent. Meestal is de top van de Kale berg zelf de aankomstplaats, maar net als in 1994 moeten de renners nog een afdalinkje verder om uiteindelijk in Malaucéne te finishen. Het is de eerste keer dat dit dorpje aan de voet van de Ventoux fungeert als aankomstplaats.

Het vertrek van deze horrorrit ligt in Sorgues. Veel zorgen inderdaad voor de renners, want er staat hen een helse dag te wachten. Na 75 stekelige kilometers duikt de Col de la Liguière in de wielen. Met 9,3 kilometer aan 6.7% gemiddeld is dit een opwarmertje voor wat gaat komen.  Het peloton zet koers naar Sault, een van de drie mogelijke vertrekplaatsen naar de top van de Reus van de Provence. Het is – laat ons zeggen – de ‘zachtst lopende’ kant, met ruim 24 kilometer aan 5%.

‘Dat valt mee’, kan je denken… Alleen, het is dus maar liefst 24 kilometer én er ligt nog een zwaardere brok te wachten. Een tweede beklimming van diezelfde vervloekte col, maar dan vanuit Bédoin. Loeizwaar – 15,7 kilometer aan 8,8% – en een wegdek dat nauwelijks enthousiast meehelpt. Slingeren door het bos, sleuren aan je tuig. In de buurt van Chalet Reynard kan je eens ademen, om dan in het beroemde maanlandschap de hele flank af te kruipen richting zendmast die je al kilometers aanlokkelijk aankijkt.

De Kale berg kende één kale winnaar: Marco Pantani. Meteen de meest roemruchte Ventourist, die zijn overwinning ‘cadeau’ kreeg van Lance Armstrong. De laatste winnaar was Thoms De Gendt, die aan Chalet Reynard de remmen moest dichtknijpen door gevaarlijke windstoten op de top. Op datzelfde moment presenteerde oud-winnaar Chris Froome zijn versie van ‘Run to the hills’, toen hij na een valpartij al lopend de berg bedwong. Je kan de wielergeschiedenis zo van het wegdek trekken.

Link: https://www.touretappe.nl/tour-de-france-2021-parcours/etappe-11-route-tdf-2021/

Tour 2020 – rit 18 – Méribel – La Roche sur Foron

Tour 2020 – rit 18 - Méribel - La Roche sur ForonEvenwijdig met de Italiaanse en Zwitserse grens kronkelt er een verraderlijke etappe van Méribel naar La Roche-sur-Foron. Over een afstand van 168 kilometer knalt een vermoedelijke ontsnapping over vier bekende cols naar die ene kans op eeuwige roem.

Het festijn begint met de Cormet de Roselend. De klim die op onvergetelijke wijze is verbonden met Johan Bruyneel, toen hij in 1996 een spectaculaire val maakte in de afdaling. De val die een voorbode bleek van zijn latere val als ploegleider van US Postal en Lance Armstrong. De Roselend is vanuit Bourg-Saint-Maurice een pittige kluif: 19 kilometer aan 6% gemiddeld. Het maximum percentage is 9%, wat betekent dat vooral de lengte van de klim de zwaarte bepaalt.

In gestrekte draf trekken de renners dan naar de Col de Saisies. Minder bekend, maar hij diende wel als decorstuk in etappezeges van Henk Lubberding (1979), Peter De Clercq (1994) en Mario Aerts (2002). Meer als een decorstuk kan je het ook niet noemen. De klim duurt bijna 15 kilometer aan 5,1%. Niet zwaar, maar in het licht van het vervolg van deze rit best vermoeiend.

En weer verder… De Col des Aravis is één van de vele Franse cols die al eens door Thomas De Gendt als eerste is gekruist, in zijn ongebreidelde aanvals- en bollendrift. Hij was de laatste die als eerste de Col des Aravis overstak, in de Tour van 2016. In 2020 kiest men voor de korte kant, wat een klim van 11,5 kilometer en een gemiddelde van 5% oplevert.

Wat volgt is de Montée du Plateau des Glières. Een mond vol voor een relatief doenbare onderneming. Met 8,8 kilometer en 7,7% gemiddeld hebben de renners al zwaardere brokken moeten verteren, maar het is de onophoudelijke opeenvolging die nu doorweegt. Van de voorspelde ontsnapping schieten nu nog maximaal drie moedigen over.

De finale klim ligt op de Col des Fleuries. De sprong naar de zegebloemen zeg maar. Een niemendal in vergelijking met de eerdere opdrachten, maar dat was de late autosnelwegbrug in de vroegere finale van de Ronde van Vlaanderen ook. En daar zijn er veel gesneuveld op het veld van eer.

La Roche-sur-Foron zal een sterke winnaar krijgen, dat is duidelijk.

Link: https://www.touretappe.nl/tour-de-france-2020-parcours/etappe-18-route-tdf-2020/

Tour 2020 – rit 15 – La Tour du Pin – Villard de Lans

Tour 2020 - rit 15 - La Tour du Pin - Villard de LansRit 15 brengt de renners van La Tour-du-Pin naar Villard-de-Lans in de Alpen. Ze hebben 164 kilometer en twee flinke beklimmingen nodig om de brug te slaan. En dat vlak na die andere ‘brug’: de welverdiende rustdag van de dag ervoor.

Vertrekplaats La Tour-du-Pin – ‘De Tour van de Pijnbomen’ – wijst op een zekere semantische ironie bij de organisatie. Hoewel de rustdag nog vers in het geheugen ligt, worden de hoge én lage bomen van het peloton op dag één van de derde week meteen stevig gepijnigd op weg naar Villard-de-Lans. Wielergeschiedenis à volonté, daar in de buurt van Grenoble. Er won namelijk geen enkele pannenkoek. Of wat dacht je van Erik Vanderaerden (tijdrit in 1985), Pedro Delgado (1987 en 1988), Laurent Fignon (1989), Erik Breukink (1990) en Lance Armstrong (2004). Die laatste verloor de overwinning wel na dopingbekentenissen, net zoals al zijn andere etappe- en Tourwinsten. Geen Villard-de-Lance dus.

Het mag duidelijk zijn dat er geklommen moet worden. Het loodzwaarste van het loodzwaarste is het niet, maar de cols hakken er wel stevig in. De Col de Porte (op 66,5 km) is een opwarmer van een dikke 7 kilometer aan 7%. Een piek van 9% maakt dat de de Col de Porte vooral een poort is voor een ontsnapping van klimmers zonder klassementsambities. Via enkele kleinere stulpjes zoals de Côte de Revel, komen de vermoeide lijven aan de voet van – houd u vast – La Montée de Saint-Nizier-du-Moucherotte. De beklimming telt 14,6 kilometer aan 6,5%. Een kuitenbijter en een vervelend onding, maar ook niet meer dan dat. Het is een gelijkmatig oplopende col die zeer aanvaardbare percentages voorlegt. Na een stukje plateau in dalende lijn volgt er nog een plukje van 2,3 kilometer aan 6,6% naar Villard-de-Lance, Côte 2000.

Types als Teuns en Alaphilippe kruisen deze etappe aan. Als ze ten minste nog de vrijheid krijgen, want sinds de Tour van 2019 zijn er vele ogen en tactieken op hen gericht.

Link: https://www.touretappe.nl/tour-de-france-2020-parcours/etappe-16-route-tdf-2020/

Logo Paswoord

Wens je bijkomende informatie?

Aarzel niet om mij te contacteren als u bijkomende informatie wenst rond diensten of prijzen.

Menu