Logo Paswoord

Top tien sprinten in tourEven tellen. Deze eeuw werden er al 20 edities van de Tour gereden, tussen 2000 en 2019. In de veronderstelling dat La Grande Boucle ongeveer een zestal massasprinten per keer bevat, mochten we ons al 120 keer vergapen aan het tumultueuze geharrewar tegen 80 kilometer per uur. Maar welke spurt was nu de meest beklijvende? Welke sensationele moves of krachtexplosies speelden zich af in die laatste prangende honderden meters? We vroegen het aan 10 kenners:  zeven (oud-)renners en onze drie wielerjournalisten. 

Jasper Philipsen: Peter Sagan schiet uit klikpedaal maar wint (Longwy, 2017)

“In Longwy toonde Peter Sagan een stukje spurt en – stuurmanskunst. In een machtsprint bergop schiet hij uit zijn klikpedaal en hij moet corrigeren. Hij klikt terug in, trekt zich doodleuk weer op gang en houdt alsnog Michael Matthews en Greg Van Avermaet af. Ongelooflijk dat zoiets kan tegen toppers van wereldniveau. In negen van de tien gevallen lig je op de grond of is je sprint afgelopen, maar niet dus bij Sagan. Het is niet alleen geluk dat daar speelt. Dit is ook een kwestie van techniek en die heeft een artiest als Sagan wel. Bovendien toonde het aan dat hij nog overschot had, want als je op dat moment nog zo helder en rustig blijft, betekent dat dat je dik in orde bent. Het had wel geen vijf meter langer moeten duren want Matthews kwam stevig opzetten.”

Carlo Bomans: Gert Steegmans klopt Tom Boonen (Gent, 2007)

“Gert Steegmans die Tom Boonen klopte in Gent, dat was indrukwekkend. Puur machtsvertoon van de knecht die de betere was van zijn kopman. Hij zat in de sprinttrein en zette op een hellend stuk fors aan. Het was dan aan favoriet Boonen om over hem heen te komen, maar… hij kwam niet. En dus knalde Steegmans maar door. Frappant verhaal bij die spurt: op anderhalve kilometer van het einde was er nog een massale valpartij. Het wedstrijdreglement bepaalt dat tijdsverschillen bij een val in de laatste drie kilometer niet tellen en dus bleven betrokkenen ijzig kalm bij een groot scherm staan. Ze zagen al lachend en in alle rust hoe Steegmans de vuisten balde.”

Erik Vanderaerden: Sagan brengt Cavendish ten val (Vittel, 2017)

“Het sprintincident tussen Peter Sagan en Mark Cavendish in Vittel is één van de meest besproken massaspurten van de laatste jaren. Sagan sloot de deur, gebruikte zijn elleboog en Cavendish smakte tegen de grond. Resultaat: de Slovaak werd gediskwalificeerd en de Brit moest opgeven. De beelden kwamen opnieuw naar boven na de horrorcrash van Fabio Jakobsen. Altijd hetzelfde verhaal: de voorganger wil de achterligger niet laten passeren terwijl die laatste zich door het kleinste gaatje wringt. Afwijken van de lijn mag uiteraard niet, maar waarom remt de opkomende man niet af? Ook dat roekeloos gedrag veroorzaakt een crash. Eerlijk? Het zal blijven gebeuren want een sprinter wil winnen. Hoewel de spurten tegenwoordig al een stuk veiliger zijn dan in mijn tijd. Wij weken gewoon uit van links naar rechts en hoopten dat we niet gedeclasseerd werden.”

Johan Vansummeren: Verzamelde kameraden lanceren oppermachtige McEwen (Montpellier, 2005)

“De rit Miramas-Montpellier in de Tour van 2005 was onvergetelijk. Een kopgroep met Voeckler, Flecha en Horner had tien minuten voorsprong. Eigenlijk was een massaspurt onmogelijk maar met Davitamon-Lotto begonnen we er toch maar aan. Christophe Brandt, Mario Aerts, Wim Vansevenant en ik zwoegden 100 kilometer op kop van het peloton en maakten het onmogelijke waar. De vluchters werden gegrepen en McEwen reed oppermachtig naar winst. Hij keek ostentatief om en week wat van zijn lijn, waarop Stuart O’Grady protesteerde. Niet nodig, hij kwam niet eens aan zijn trapas. De sfeer van kameraadschap die dag was fantastisch en Robbie was ons eindeloos dankbaar. Ik ben van die inspanning wel niet meer bekomen tijdens de Tour.”

Marc Wauters: Caleb Ewin klopt iedereen op 50 meter (Parijs, 2019)

“Ik ga voor de winst van Caleb Ewan op de Champs Elysées in de Tour van 2019. De meet is al in beeld als hij vanuit een geslagen positie op geen tijd over Groenewegen en Bonifazio springt. Schitterend. Hij belichaamt de definitie van een sprinter het best, vind ik. Een pocketmannetje dat met een kattensprong uit het niets komt en in de laatste 100 à 50 meter een hoge piek ontwikkelt. Hij sprint niet op de macht zoals Greipel of Steegmans en heeft ook geen treintje nodig. Hij sprint wel op pure snelheid. In deze rubriek moest ik voor een Tour-sprint kiezen, maar de allermooiste battle speelde zich vorig jaar af bij de Brussels Cycling Classic, nipt gewonnen door Ewan. Maar liefst 6 man stond op één lijn op de fotofinish, ongelooflijk.”

Kenneth Vanbilsen: Gert Steegmans bestormt de Champs Elysées (Parijs 2008)

“In 2007 had Steegmans zijn kopman Boonen al eens verrast, maar zijn sprint in Parijs in 2008 is onvergetelijk. In dat jaar filmde men de spurt van de zijkant en dat maakte een fantastische indruk op mij. Gert werd voorbeeldig gebracht door ploeggenoten Tossato en De Jong en knalde al op 300 meter voor de lijn iedereen uit het wiel. Eigenlijk reed hij daar zelf de perfecte lead-out voor een concurrent, alleen… ze konden niet in zijn wiel blijven. Wat een kracht. In mijn beleving bleef die sprint maar duren, net omdat je door het zijdelingse camerastandpunt geen aankomststreep zag naderen. Gerald Ciolek en groene trui Oscar Freire kwamen nog flink opzetten, maar hij redde het uiteindelijk vlot. Die sprint, in beeld gebracht vanuit die hoek, staat in mijn geheugen gegrift.”

Valerio Piva: Cavendish staat helemaal alleen op de foto (Parijs, 2009)

“De eerste keer dat Mark Cavendish won in Parijs was emotioneel. Hij toonde daar dat hij – voor mij althans – de beste sprinter is van de 21ste eeuw. Het was zijn zesde ritzege al die Tour, maar de manier waarop was prachtig. Hij stond alleen op de foto, gevolgd door lead-out Mark Renshaw. Renshaw en Cavendish reden in de laatste bocht iedereen klink uit het wiel. Werkelijk niemand kwam ook nog maar in de buurt. Nochtans deden ook Ciolek, Hushovd, Farrar en Bennati mee. Onze ploeg Team Columbia-HTC was volledig rond Cavendish gebouwd. Dat zie je tegenwoordig niet veel meer. Meestal heeft elke ploeg meerdere speerpunten, maar wij hadden geen klassementsrenner of puncher. Cavendish moest het fenomenale teamwork afronden en dat dit hij. Risicovol maar als het lukt fantastisch.” 

Pieter Vanlommel: McEwen doet het onmogelijke (Canterbury 2007)

“Wat Robbie McEwen flikte op 8 juli 2007 zal wellicht niemand hem ooit nog nadoen. In de vlakke rit van Londen naar Canterbury raakte de spurtbom van Lotto betrokken bij een crash op minder dan twintig kilometer van de meet. Wedstrijd voorbij, zou je dan denken. Vooraan was Quick Step op dat moment flink gas aan het geven voor kopman Tom Boonen en niemand hield nog rekening met McEwen. De hele Lotto-ploeg wachtte haar Australische kopman echter op en begon als een bende bezetenen de achtervolging in te zetten. De camera’s stonden op de kop van het peloton gericht toen de massaspurt losbarstte in de straten van Canterbury en van McEwen was geen spoor. Maar wie wurmde zich van de staart van het peloton toch nog helemaal naar voor? McEwen. De laatste kilometer van de Australiër was er een voor de geschiedenisboeken. Een staaltje van pure klasse, kracht, lef en stuurmanskunst. Hij won zelfs nog met twee fietslengtes voorsprong op Hushovd en Boonen.” 

Davy Scheelen: Getergde Cavendish haalt zijn gram en klopt Gilbert (Cap Fréhel 2011)

“2011 was het jaar waarin Philippe Gilbert alles in goud veranderde, zelfs zijn haren. Overal waar hij startte won hij. Hij ritste alle klimklassiekers mee, maar ook het BK, San Sebastian en de eerst Tourrit. Vijf dagen later moeide hij zich in Cap Fréhel zelfs in een pittige massasprint, die hij vlotjes naar zijn hand zette. Ongelooflijk. Maar plots dook er één mannetje op dat nauwelijks 50 meter nodig had om het hele veld op te ruimen: Mark Cavendish. De Tourorganisatie had er dat jaar alles aan gedaan om zo weinig mogelijk pelotonsprinten te krijgen en dat zinde de Manx Express niet. Verongelijkt knalde hij op pure gramschap en vanuit een verloren positie naar de bloemen. Gilbert werd ontgoocheld tweede maar veroverde wel het groen.”

De link naar het artikel vindt u hier: https://m.hbvl.be/cnt/dmf20200903_94896719

Menu